 |
| AANBIEDING! |
Aalsmeer, gewonnen op het veen....
Aalsmeer, gewonnen op het veen, bedreigd door het water.
Een prachtig boek dat d..
meer info
Nu tijdelijk voor maar € 35,00 |
Geschiedenis van Oranjewoud
De 6de herziene druk is verschenen.
In deze uitgave zijn veel meer afbeeldingen..
meer info
Nu tijdelijk voor maar € 52,50 |
Gezichten aan de rivier de Vecht
Een prachtige facsimile uitgave met schitterende tekeningen van P.J. Lutgers uit 18..
meer info
Nu tijdelijk voor maar € 85,00 |
's-Graveland en zijn buitenplaatsen
’s-Graveland en zijn buitenplaatsen met tekeningen van Chris Schut
In de reeks ..
meer info
Nu tijdelijk voor maar € 49,50 |
Verdwenen grandeur Enghuizen
16 november verschijnt:
Verdwenen grandeur ENGHUIZEN bij Hummelo en wat er eens ..
meer info
Nu tijdelijk voor maar € 17,50 |
De Particuliere Correspondentie Titsingh
De Particuliere Correspondentie van Isaac Titsing
(1783-1812)
Titsingh Studies,..
meer info
Nu tijdelijk voor maar € 75,00 |
Achter verduisterde ramen Voorschotense...
11 September 2009 is verschenen:
Achter verduisterde ramen, Voorschotense kronie..
meer info
Nu tijdelijk voor maar € 29,95 |
Bouwen en Duiden
Studies over architectuur en iconologie
In deze bundel staat de architectuur-ico..
meer info
Nu tijdelijk voor maar € 15,00 |
Cavaillé-Coll en Nederland
10 november 2009 verschijnt:
Cavaillé-Coll en Nederland
Een studie naar het we..
meer info
Nu tijdelijk voor maar € 39,95 |
Huis de Voorst, Domus Albemarle
Domus Albemarle
Een serie van 16 prenten met gezichten van huis De Voorst bij Zu..
meer info
Nu tijdelijk voor maar € 16,75 |
De groeten uit Oudewater
DE 2de DRUK IS LEVERBAAR
Een fotoboek met 140 oude foto's over Oudewater met o..
meer info
Nu tijdelijk voor maar € 19,90 |
|
| NIEUW |
Aalsmeer, gewonnen op het veen....
Aalsmeer, gewonnen op het veen, bedreigd door het water.
Een prachtig boek dat d..
meer info
|
Geschiedenis van Oranjewoud
De 6de herziene druk is verschenen.
In deze uitgave zijn veel meer afbeeldingen..
meer info
|
Gezichten aan de rivier de Vecht
Een prachtige facsimile uitgave met schitterende tekeningen van P.J. Lutgers uit 18..
meer info
|
's-Graveland en zijn buitenplaatsen
’s-Graveland en zijn buitenplaatsen met tekeningen van Chris Schut
In de reeks ..
meer info
|
Verdwenen grandeur Enghuizen
16 november verschijnt:
Verdwenen grandeur ENGHUIZEN bij Hummelo en wat er eens ..
meer info
|
De Particuliere Correspondentie Titsingh
De Particuliere Correspondentie van Isaac Titsing
(1783-1812)
Titsingh Studies,..
meer info
|
Achter verduisterde ramen Voorschotense...
11 September 2009 is verschenen:
Achter verduisterde ramen, Voorschotense kronie..
meer info
|
Cavaillé-Coll en Nederland
10 november 2009 verschijnt:
Cavaillé-Coll en Nederland
Een studie naar het we..
meer info
|
Maarschalkerweerd en Zoon, te Utrecht
Met dit boek geeft de auteur Jos Laus een aanvullend beeld op de orgelbouw ten tijd..
meer info
|
Huis de Voorst, Domus Albemarle
Domus Albemarle
Een serie van 16 prenten met gezichten van huis De Voorst bij Zu..
meer info
|
Huis Archem
Dit boek over Huis Archem ten zuiden van Ommen verschijnt in de serie ‘villae recon..
meer info
|
Historische plattegronden, 12 Rotterdam
Onlangs verschenen, nog maar beperkt leverbaar.
Geheel herziene uitgave van deel..
meer info
|
Groeten uit Dongen
Een fotoboek over Dongen. Geillustreerd met 80 oude foto's van Dongen, voorzien van..
meer info
|
Monumenta Cartographica Neerlandica Vol 8
Vol VIII
Tekstdeel 596 met ca 900 afbeeldingen.
Klepmap met 37 kaarten, waarvan..
meer info
|
Historische plattegronden, 10 Den Haag
Het doel van de reeks ‘Historische plattegronden van Nederlandse steden’ is de heru..
meer info
|
Die Manuskriptatlanten Christian Sgrootens
Download the PDF for more information
Een mooie uitgave, bestaande uit een tekst..
meer info
|
De groeten uit Oudewater
DE 2de DRUK IS LEVERBAAR
Een fotoboek met 140 oude foto's over Oudewater met o..
meer info
|
Topo. des Nürnberger Verlages David Funck
Der seit etwa 1673 als selbstständiger Verleger, Buch- und Graphikhändler in Nürnbe..
meer info
|
Fraelymaborg, Herinneringen aan
Herinneringen aan een Groningse Buitenplaats:
Fraeylemaborg bij Slochteren
Deze..
meer info
|
't Konings Loo
Een serie van 13 prenten met gezichten van Paleis Het Loo en zijn tuinen door Romey..
meer info
|
Havezaten en adelijke huizen in de Liemers
In dit boek worden 22 huizen beschreven, inclusief 66 afbeeldingen. Zie de pdf.
1...
meer info
|
De Nederlanden van wandkaart tot Postkaart
De negenbladige kaart ‘Belgii XVII Provinciarum Tabula’ van Frederik de Wit, schaal..
meer info
|
|
WINKELWAGEN |
| Er zitten geen producten in uw winkelwagen... |
|
|
 |
 |
Cavaillé-Coll en Nederland
|
 |
| |
Categorie |
: |
Algemeen |
 |
Auteur |
: |
René Verwer |
| |
Taal |
: |
Nederlands |
| |
Prijs |
: |
€ 39,95 |
|
|
|
10 november 2009 verschijnt:
Cavaillé-Coll en Nederland
Een studie naar het werk van Cavaillé-Coll
en diens invloed in Nederland in de periode 1875 - 1924
Zie de PDF voor de inhoud
Te midden van een overwegend Duits-georiënteerde muziekcultuur in Nederland werd in 1875 een orgel voor het Paleis voor Volksvlijt te Amsterdam aangekocht, dat was vervaardigd door de beroemde Parijse orgelmaker Cavaillé-Coll. Deze had een grote internationale reputatie verworven en exporteerde instrumenten naar alle werelddelen. Naar Engels voorbeeld kreeg dit orgel – het eerste in een Nederlandse concertzaal – na vele eeuwen kerkelijk monopolie ook in ons land een functie in het seculiere muziekleven. De uit Brussel afkomstige organist Jean-Baptiste de Pauw bespeelde het instrument vanaf 1879 wekelijks in samenwerking met het toen befaamde Paleisorkest en gaf hij er recitals. In het volgende decennium zouden nog vier orgels uit het Parijse atelier in Nederlandse kerken en kapellen worden geplaatst. Ook enkele Nederlandse orgelmakers zoals Adema en Maarschalkerweerd lieten zich door de Franse stijl inspireren. Door de komst van het Paleisorgel kwamen organisten en publiek in aanraking met orgelwerken van Franse meesters als Guilmant, Widor en Saint-Saëns, later gevolgd door composities van César Franck. Na een lange tijd van veronachtzaming is vanaf de jaren ’80 van de vorige eeuw een toenemende belangstelling voor de Franse orgelkunst in ons land merkbaar. De restauratie van het Cavaillé-Coll-orgel in de Haarlemse Philharmonie vormde de aanleiding tot het schrijven van dit boek, maar ook de Frans-Nederlandse artistieke betrekkingen, die zich uiten in cd-opnamen, mastercursussen, concerten en – tijdens de afgelopen jaren – de bouw van nieuwe orgels in Franse stijl droegen hier in belangrijke mate aan bij.
|
| Specificaties |
| Leverbaar |
: |
ja |
| Levertijd |
: |
ca. 1 week (indien leverbaar) |
| |
|
|
| Aantal pagina's |
: |
496 |
| Afmetingen |
: |
17 x 24 (bxh, in cm) |
| Uitvoering |
: |
genaaid gebonden in harde band |
| ISBN |
: |
9064698484 |
|
|
Recensies Hoofdstuk 1 Nederlandse tradities versus ‘l’Orgue moderne’
1.1. Inleiding
De Hr. Cavallie [sic], Koninklijke orgelmaker in Parijs heeft, op zijne kunstreis door Frankrijk, Zwitserland, Duitschland, Holland en Engeland, voor eenige dagen het orgel in de Domkerk [te Utrecht] met bijzonder genoegen gehoord en bezigtigd, voorts de orgelfabriek van de Firma Bätz & Cie. bezocht, zijne hooge goedkeuring over dezelve betoond, en zelfs zijne groote verwondering betuigd over de voortreffelijke en solide wijze, waarop die Firma hare orgels vervaardigt.
In het najaar van 1844, drie jaar na oplevering van zijn eerste grote opus in de basiliek van Saint-Denis, even ten noorden van Parijs, maakte de Franse orgelmaker Aristide Cavaillé-Coll (1811-1899) een reis langs belangrijke, traditionele centra van de Europese orgelbouwkunst. De ervaringen en contacten met buitenlandse collega’s, opgedaan tijdens deze reis, zouden van grote betekenis worden voor de verdere ontwikkeling van het Frans-symfonische orgel-type en de verspreiding van het romantisch orgelideaal.
Tijdens het driedaagse bezoek aan ons land bespeurde Cavaillé-Coll een sfeer van conserva-tisme, die in schril contrast stond met de geest van vernieuwing die in landen als Duitsland of Zwitserland heerste. Door zijn bezoek kwam de Nederlandse orgelbouw in aanraking met de moderne ontwikkelingen in Frankrijk. Dit leidde ertoe dat diverse orgelmakers studiereizen naar Parijs gingen maken.
Toch bleef de Franse invloed tot 1875 beperkt. Pas na de ingebruiknames van het Adema-orgel in de Amsterdamse Mozes en Aäronkerk en het Cavaillé-Coll-orgel in het Paleis voor Volksvlijt, aan de bouw waarvan de Franse vice-consul Charles-Marie Philbert (1826-1894) een belangrijke impuls gaf, ontstond duidelijke interesse voor het Frans-symfonische orgeltype, maar van een totale omslag in de orgelfactuur in ons land is geen sprake geweest. Zo blijkt de invloed van Cavaillé-Coll in ons land uiteindelijk gering.
1.2. De Nederlandse orgelcultuur in de 19de eeuw
1.2.1. De algemene muziekcultuur
De algehele Nederlandse muziekcultuur was rond 1840 sterk naar Duits voorbeeld ingericht, Franse invloeden waren – op operagebied het Haagse ‘Théâtre français’ uitgezonderd – te verwaarlozen. In de eerste helft van de 19de eeuw namen veel Duitsers vooraanstaande plaat-sen in het Nederlandse muziekleven in. Van hen noemen we Carl Mühlenfeldt (1797-1852), Johann Heinrich Lübeck (1799-1865) en Johann Hermann Kufferath (1797-1864). Nog in 1920 schrijft Diepenbrock bij de huldiging van Willem Mengelberg, dat ‘er nog geen “Neder-landsche” muziek bestaat, evenmin als een “Nederlandsche” muziekbeoefening, en dat de ge-heele muziek een uit Duitschland geïmporteerde zaak is, zooals zij in de achttiende eeuw uit Frankrijk en Italië werd geïmporteerd’. Veelzeggend is dat de in 1815 door Tollens geschre-ven nieuwe volkshymne Wien Neêrlands bloed door d’aderen vloeit door de Duitse compo-nist Johann Wilhelm Wilms getoonzet werd.
Waarschijnlijk heeft de geschiedenis een rol gespeeld in de enigszins anti-Franse hou-ding die in de eerste helft van de 19de eeuw in Nederland heerste. Immers, in 1795 was de Republiek der Verenigde Nederlanden overweldigd door Franse troepen en Fransen maakten hier de dienst uit tijdens de Bataafse Republiek en het Koninkrijk Holland (1806-1810). In 1810 werd Nederland zelfs bij het Franse Keizerrijk ingelijfd.
De aanwezigheid van Duitse musici in ons land was er mede oorzaak van dat het ge-speelde repertoire overwegend Duits georiënteerd was. Hieraan heeft ook bijgedragen, dat di-verse Nederlandse musici hun opleidingen genoten in Duitsland, onder wie Verhulst en Wou-ter Hutschenruyter (1796-1878).
Johannes Verhulst (1816-1891), een der belangrijkste representanten van het 19de-eeuwse Nederlandse muziekleven, studeerde aanvankelijk aan de Koninklijke Muzykschool in Den Haag en kreeg een toelage van de Maatschappij tot Bevordering der Toonkunst om in Leipzig bij Mendelssohn zijn opleiding te voltooien. Nog tijdens zijn studie werd hij dirigent van de Euterpe-concerten aldaar en raakte bevriend met Schumann, die zich in zijn Neue Zeit-schrift für Musik lovend uitliet over de composities van ‘diesen ganz ungewöhnlichen Hollän-der’. Bij zijn terugkeer naar ons land in 1842 kreeg Verhulst een centrale positie in het mu-ziekleven. Zo werd hij dirigent van Felix Meritis en Caecilia in Amsterdam, van de Haagse Diligentia-concerten en van de Toonkunst-afdelingen in Den Haag en Rotterdam. Hij hield sterk vast aan de Duits-romantische traditie en was een fervent tegenstander van de Neu-Deut-sche Schule, dit tot groot ongenoegen van meer vooruitstrevende musici als Dr. F.C. Kist (1796-1863) – oprichter van het vermaarde muziekorgaan Caecilia – en Richard Hol (1825-1904). Hoewel Verhulst geroemd werd om zijn technische en muzikale vakbekwaamheid lok-te zijn conservatieve opstelling bij de programmakeuze een felle oppositie uit en dit noopte hem uiteindelijk in 1886 zijn directieposten neer te leggen.
Twee andere beeldbepalende figuren hadden hun opleiding in Nederland ontvangen. De blinde organist Daniël Brachthuyzer (1779-1832), een van de eerste Nederlanders die de werken van Bach veelvuldig uitvoerde, was leraar van Johan George Bertelman (1782-1854), die op zijn beurt twee belangrijke toonkunstenaars opleidde: Johannes Bernardus van Bree (1801-1857) en Richard Hol.
Van Bree begon zijn loopbaan als violist en werd dirigent van Felix Meritis. In 1841 was hij medeoprichter en eerste dirigent van de Maatschappij Caecilia, waarvan het orkest uitsluitend uit beroepskrachten bestond. Onder zijn leiding werden tot zijn dood ruim dertig concerten gegeven, waarin voornamelijk werken van Beethoven, Mendelssohn, Mozart en Weber werden uitgevoerd. In mindere mate kwamen Haydn, Schumann, Gade en Cherubini aan bod, terwijl slechts één Bachwerk werd uitgevoerd. Ook composities van Hummel, Kalk-brenner en Spohr werden geprogrammeerd, al met al onderhoudende en elegante muziek, licht virtuoos en niet te diepgravend. Niet alleen in Nederland, maar in geheel Europa was derge-lijke muziek geliefd. Van Bree was ook directeur van de Amsterdamsche Muzykschool en leidde in de Mozes en Aäronkerk het beroemde koor ‘Zelus pro Domo Dei’ (IJver voor Gods huis). Dit ensemble, opgericht in 1691, genoot aanzien tot in het buitenland, al raakten de ker-kelijke overheden steeds minder gecharmeerd van de uitgesproken concertmatige uitvoerin-gen van katholieke kerkmuziek tijdens de vieringen. Ook hier beperkte het repertoire zich tot de Weense klassieken en vroeg-Duitse romantici.
Hoewel Richard Hol grote bekendheid genoot als Domorganist te Utrecht (van 1869 tot 1888), lagen zijn taken grotendeels op het terrein van koor- en orkestdirectie. Hij was achtereenvolgens werkzaam in Amsterdam, Utrecht en Den Haag. In zijn Utrechtse tijd was hij ook directeur van de Muziekschool van Toonkunst in welke hoedanigheid hij Willem Mengelberg en Johan Wagenaar als leerlingen had. Vanaf 1891 leidde hij in het Paleis voor Volksvlijt enkele jaren de serie ‘Klassieke Concerten’. In zijn programmering was hij minder behoudend dan vele collegae. Hol was een der eersten die het Nederlandse publiek in contact brachten met composities van Berlioz, Bruckner, Lalo, Franck en d’Indy. Op zijn ini-tiatief werden belangrijke buitenlandse solisten uitgenodigd, waaronder Brahms, Joachim, Saint-Saëns en Vieuxtemps.
Van de volgende generatie studeerden onder anderen Cornelis Dopper, Dirk Schäfer, Willem Kes en Bernard Zweers aan conservatoria te Leipzig, Keulen en Berlijn, waardoor de Neu-Deutsche Schule zijn invloed in ons land kon laten gelden. De oprichting van de Neder-landse Wagnervereniging door Henri Viotta in 1884 was daar een uitvloeisel van.
Tot de eerste componisten die zich oriënteerden op de Franse muziek en daarmee de Duitse hegemonie langzamerhand doorbraken, behoorde Eduard de Hartog (1829-1909). Zijn stijl sloot naadloos aan bij toenmalige Parijse representanten van het Second Empire: Meyer-beer en Offenbach. Hij verbleef lange tijd in de Franse hoofdstad, evenals Daniël de Lange (1841-1918). Deze was, na opleidingen in Lemberg en Brussel, tussen 1863 en 1870 koordiri-gent en organist in de parochiekerk ‘de la Chaussée Montrouge’, totdat het uitbreken van de Frans-Duitse Oorlog hem noodzaakte naar ons land terug te keren. Hij werd leraar aan de Amsterdamse Muziekschool van Toonkunst en was een tiental jaren later medeoprichter van het ‘Conservatorium der Afdeeling Amsterdam van de Maatschappij tot Bevordering der Toonkunst’, zoals deze instelling aanvankelijk officieel heette. Johan Coenen (1825-1899), dirigent van het orkest van het Paleis voor Volksvlijt, gaf, in de programmering van concerten vanaf 1865, behalve aan Duits repertoire, ruimte aan Italiaanse en Franse operabewerkingen.
Ook Carl Smulders en Willem Landré lieten zich door de Franse stijl beïnvloeden. Op orgelgebied was C.F. Hendriks jr. actief; rond de eeuwwisseling werden enkele van zijn wer-ken bij de Parijse uitgever Leduc gepubliceerd. Enkele jaren later verscheen Hendrik Andries-sen met zijn vroege werken op het toneel, waarmee de Franse invloed zich duidelijk manifes-teerde (Premier Choral 1913, Toccata 1917 en Fête-Dieu 1918).
|
|